door Joske Janszen

Ach, lees ik in de alledaagse wetenschapsbijlage
van de nrc: het was geen superbloedmaan

die ik zag, geen rode maan, niet bloedrood, ook
niet koper, niet bijzonder groot, slechts hier en

daar op aarde stond hij laag boven de horizon
en kleurde door een vieze stad rood – en ook

die maans verduistering was niet bijzonder, eigenlijk
heel gewoon, wel prachtig maar ook heel gewoon

was de corona, zegt de schrijver – Wat was het
dan dat ik uit mijn raam zag, eerst voor, opzij, dan

achter, waar ik de hele nacht van wakker lag –
Hij was die ochtend in een vliegtuig over mijn

huis gevlogen – een enkele sms: Ik zie het
dak en verder never nooit meer iets